Dan gaat het goed

 
Zaterdagochtend, een jeugdwedstrijd, halverwege de tweede helft. Een speelster vraagt aan de coach “En, gaat het goed?” De hele wedstrijd staat ze achter en in eerste helft werd haar team enigszins overlopen door een sterke tegenstander. In de rust heeft de coach denk ik wat aanwijzingen gegeven, waardoor het spel beter werd en er een opleving te zien was. Het was voor de neutrale toeschouwer echter wel te zien dat deze tegenstander een maatje te groot was en dat winst er niet meer in zat. De coach beantwoordde de vraag met een wedervraag “Heb je het naar je zin?”, waarop de speelster met een grote lach op haar gezicht ja knikte. De coach wist daarmee dat het goed zat en zei “Dan gaat het goed.”. De speelster zocht haar dame weer op om de wedstrijd, ondanks het verlies, met een lach op haar gezicht uit te spelen.
 
Ik realiseerde me eens te meer dat het, vooral bij de jeugd, vooral om het plezier gaat. Prestatie is leuk, maar als je er geen plezier uit haalt, is het slechts een herinnering van een kort moment. Dat was ook te merken bij C-jeugd die na hun NK 1e klasse te gast was bij WOS radio en daar vol trots mocht vertellen over hun ervaringen van die bewuste dag. Het was een speciale dag, vol leuke ervaringen, geweldige momenten en dit optreden op de lokale radio was een mooie afsluiter. Geen eerste plaats, wel een belevenis rijker.
 
Afgelopen week was ik bij een regio-overleg. Mooi om te zien dat iedere aanwezige bezig is met zijn club (er waren geen vrouwen dit keer), om die beter te maken. Maar ook om die avond te leren, te discussiëren en er voor te zorgen dat de stem van de vereniging gehoord wordt bij de bondsraad en dus bij de bond. We vertellen over wat ons bezig houdt als club, zoals een vernieuwing van kunstgrasvelden, nieuwe beachvelden en een mooie multifunctionele ruimte. En wat daar de plannen bij zijn. Of de organisatie van een Pinkstertoernooi en de komst van TeamNL in één maand. Of hoe een club ondanks een zaalseizoen met alleen maar verliespartijen voor de selectie, toch enorm trots kan zijn op wat er binnen die club is ontstaan, hoe het verenigingsleven kan bloeien. Of hoe een zondagclub worstelt met het verdwijnen van steeds meer zondagclubs en daardoor de reisafstanden ziet vergroten.
 
Dat laatste is een dilemma waar onder andere de korfbalbond mee zit. Door de afname van het aantal zondagclubs zijn deze steeds meer te vinden in zaterdagpoules, met als gevolg dat zij leden verliezen. Of moeten zij steeds verder reizen om andere zondagclubs te bezoeken, met als gevolg dat zij leden verliezen. En met ledenverlies verdwijnen er weer clubs. En dus zitten we in een visieuze cirkel. Iedereen ziet die het liefst doorbroken worden, omdat er op die manier voor mensen waarvoor de zondag de enige optie is om te korfballen, geen plek meer is. Maar ook omdat minder clubs en minder korfballers het niveau niet ten goede komt. Maar ook omdat we als korfbalsport willen groeien, daarmee een serieuzere sport willen worden, met alle voordelen die daarbij horen.
 
Het lastige is alleen dat de zaterdagverenigingen niet zomaar te bewegen zijn om ook op zondag te gaan spelen. Dat kan zijn vanwege de gewoonte van het op zaterdag spelen, of vanwege de geloofsovertuiging als grondslag van de vereniging en waarbij in de statuten is opgenomen dat er op zondag niet gespeeld wordt. Het hoeft overigens niet te gaan om een volledige omschakeling naar de zondag, maar bijvoorbeeld alleen de uitwedstrijden waarvan de tegenstander op zondag speelt. Zo’n plan zal nooit zonder slag of stoot uitgevoerd gaan worden, maar de discussie er over op gang brengen is prima. Zo ontstaat er in ieder geval een goed beeld van de voors en tegens van beide kanten. Want heel simpel zeggen dat zondagclubs maar op zaterdag moeten gaan spelen, is wat kort door de bocht. Enerzijds zullen dan vele leden afhaken, anderzijds is er in de zaalperiode geen accommodatie te vinden, omdat op zaterdag alles al vol zit.
 
Welke kant de discussie op gaat, zal mij benieuwen. Er zullen waarschijnlijk lastige keuzes gemaakt moeten worden. Als er maar naar elkaar geluisterd wordt en als de knopen maar met een duidelijke visie in gedachten worden doorgehakt. Met als uiteindelijke doel het behoud van onze sport én het plezier dat wij daarbij hebben. Dan gaat het goed.
 
Namens het bestuur,
Jan Jaap Elenbaas

Reageren

*